Contact
Webwinkel
Links




Wijn

Op een gegeven moment moest het bier wijken voor de wijncultuur, vooral in Griekenland en Italië. Een Griekse ontdekkingsreiziger vertelde dat de Germanen bier brouwden uit gerst en honing. In die tijdspanne is het wijnmaken ontstaan. Wijnmaken is een leuke bezigheid die zeker wordt beloond door te genieten van lekkere zelfgemaakte wijn.

Wijnbegrippen:
Wijn:
Deze benaming mag enkel gebruikt worden voor het gistingsprodukt van druiven. Op soortgelijke wijze uit andere vruchten gewonnen dranken mogen slechts als wijnachtige dranken worden aangeduid.

Vruchtenwijn:
In de eerste plaats de appelwijnen en de perenwijnen. Maar ook andere vruchten zoals bessen, citrusvruchten, enz. Wijnen uit honing, mout of kruiden behoren ook tot deze omschrijving.

Tafelwijn:
Deze term dient om de de lichte van de zware wijnen te onderscheiden. Tafelwijn is normaal uitgegist, bevat ten hoogste 11 vol% alcohol en is eerder droog dan zoet te noemen.

Dessertwijn:
De wijn moet tenminste 13 vol% alcohol bevatten.

Mousserende wijn:
De bekendste voorbeelden zijn de Champagne en de Sekt. Dit zijn wijnen met een niet te hoog alcoholgehalte en delicaat bouquet, niet te zoet en licht van kleur. Deze wijnen worden steeds gekoeld geserveerd.

Wijnmaken in de praktijk stapsgewijs uitgelgd.

Wijn maken in de praktijk:
1. De vruchten sorteren en schoonmaken, stelen en dergelijke verwijderen, rotte plekken uitsnijden.

Benodigdheden:
Pulpbak, zeef, sulfiet, ontsteler, ontpitter mes.

2. De vruchten kneuzen, malen of persen, eventueel pectine afbrekend enzyme toevoegen, pulp uitpersen.

Benodigdheden:
Enzymes, kneuzer, pers, fruitmolen

3. De hoeveelheid most meten, volgens recept de ingrediënten en totale hoeveelheid drank berekenen. De gistingsfles vullen met most, gist toevoegen, daarna de overige ingrediënten, noteer uw gegevens.

Benodigdheden:
Gistingsfles, gist, pomp, slang, refractometer, acidometer, vinotest.

4. Gistingsfles afsluiten met gistkap of stop en waterslot, vergeet het waterslot niet met een beetje water te vullen.

Benodigdheden:
Gistkap (stop), waterslot

5. Plaats de gistingsfles op een warme plaats, controleer de koolzuurontwikkeling in het waterslot, schud de gistingsfles wanneer uw gisting niet opstart en om het proces gelijkmatig te laten verlopen. Tijdens de vergisting de gistingsfles laten rusten. Af en toe proeven nemen.

Benodigdheden:
Verwarmingsplaat, densiteitsmeter.

6. Na het bezinken van de gist de geklaarde wijn overhevelen in een ander vat, de droesem filtreren, de gistingsfles schoonspoelen, de wijn weer terug overhevelen, zwavelen, gistkap (stop) met waterslot weer op de fles plaatsen.

Benodigdheden:
Hevel, filter, klaringsmiddel

7. De gistingsfles op een koele plaats zetten, hernieuwde klaring afwachten, opnieuw afhevelen, proeven, koel bewaren en eventueel bijzoeten.

Benodigdheden:
Suikers

8. Flessen reinigen, kurken laten weken, flessen met wijn vullen, liggend opslaan.

Benodigdheden:
Flessen, kurken, kurkapparaat, etiketten(machine), reinigingsmiddel, flessenborstel, hevel, flessenrek